leidenlawblog

De Tata saga: weer een milieukwestie op het bordje van de rechter?

De Tata saga: weer een milieukwestie op het bordje van de rechter?

Het OM begint een strafrechtelijk onderzoek naar aanleiding van de aangifte namens omwonenden tegen Tata Steel. De recente gebeurtenissen rondom de staalfabrikant passen binnen een bredere tendens waarbij burgers een beroep doen op de rechter wanneer zij menen dat andere instanties achterblijven.

De aangifte die advocate Bénédicte Ficq namens vele honderden omwonenden en enkele belangenorganisaties deed tegen Tata Steel heeft betrekking op overtreding van artikel 173a van het Wetboek van Strafrecht: het opzettelijk en wederrechtelijk een stof in de bodem, in de lucht of in het oppervlaktewater brengen waarvan gevaar voor de openbare gezondheid of levensgevaar voor een ander te duchten is (sub 1) of waarvan levensgevaar voor een ander te duchten is en het feit iemands dood ten gevolge heeft (sub 2). Het onderzoek dat het OM begin februari 2022 naar aanleiding van deze aangifte heeft aangekondigd is niet de enige strafzaak die tegen het bedrijf loopt. Op het moment van de aangifte was er al een strafrechtelijk onderzoek gaande naar het bedrijf vanwege het vermeende overtreden van de milieuvergunningsvoorschriften doordat het stof dat bij de staalproductie vrijkomt zich verder verspreidt dan de toegestane twee meter vanaf het bedrijventerrein. Het OM kondigde eerder aan Tata Steel hiervoor ook te gaan vervolgen. Daarnaast zijn er de afgelopen jaren meerdere lasten onder dwangsom opgelegd, die het bedrijf keer op keer aanvocht. Geen van deze vormen van ingrijpen lijken een daadwerkelijke verandering in de situatie te hebben gebracht.[1]

Tegelijkertijd toont onderzoek aan dat er in de omgeving van Tata Steel relatief veel gezondheidsklachten voorkomen en dat er sprake is van een structureel slechtere luchtkwaliteit dan in de rest van Nederland. Ook de grafietregens in de omgeving van de fabriek waarbij sprake was van grote stofwolken met daarin zware metalen zorgden voor ongerustheid bij veel omwonenden. En uit een ander recent RIVM-onderzoek blijkt dat met name de hoeveelheden lood in de omgeving van de fabriek schadelijk kunnen zijn voor spelende kinderen.

Onderzoek naar de gezondheid in de omgeving van Tata Steel is niet nieuw: al meer dan 25 jaar worden dergelijke studies uitgevoerd. Via de webpagina van het RIVM die gaat over Tata Steel is een overzicht beschikbaar van relevant onderzoek, waar op het moment van het schrijven van dit blog maar liefst 31 rapporten te vinden zijn over gezondheid in de IJmond. Het oudste daar beschikbare rapport (uit 1995) vermeldt reeds dat de staalindustrie significant bij bleek te dragen aan fijnstofconcentraties en dat toenemende fijnstofconcentraties geassocieerd waren met een statistisch significante afname van longcapaciteit. Volgens een overzichtsdocument dat de verschillende onderzoeken op een rij zet en dat te vinden is op de website van de provincie Noord-Holland heeft de uitstoot van Tata Steel een negatieve invloed op de leefomgeving, hoewel er nog onzekerheid bestaat over de exacte toedracht en mate van gezondheidsrisico’s.

Gelet op de jarenlange controverse rondom de staalfabrikant kan men zich afvragen waarom er niet eerder en steviger is ingegrepen, bijvoorbeeld op politiek niveau. In lijn hiermee adviseerde de Randstedelijke Rekenkamer vorig jaar een grotere rol voor politiek Den Haag in de vorm van regelgeving. Aan de andere kant is erop gewezen dat politiek ingrijpen in de praktijk moeilijk is, zowel landelijk als lokaal. Tata Steel is een van de meest geïnspecteerde bedrijven in Nederland en het bedrijf zou zich doorgaans aan de normen houden. Bovendien worden de relevante normen vaak gemaakt op EU-niveau – dáár waren volgens de destijds verantwoordelijke staatssecretaris Van Weyenberg dan ook strengere normen nodig. De omgevingsdienst en de provincie zouden Tata Steel wel strengere normen willen opleggen, maar normen mogen voor het ene Europese bedrijf niet zomaar strenger worden geïnterpreteerd dan voor het andere.

Dat neemt niet weg dat het gepercipieerde gebrek aan (effectief en voortvarend) ingrijpen door politieke, bestuurlijke en strafrechtelijke autoriteiten wel een belangrijke reden lijkt te zijn voor de recente ontwikkelingen rondom Tata Steel. Zo werd namens de dorpsraad van Wijk aan Zee in reactie op de aangekondigde vervolging van het bedrijf voor het overtreden van de vergunning aangegeven dat men het in deze casus “van de politiek niet [hoefde] te hebben, als het erop aankomt” en dat de handhaving van de vergunning volgens hen tekortschoot doordat de verantwoordelijke omgevingsdienst stelselmatig onbemand zou zijn. En Ficq wees in een toelichting bij de aangifte op de trage voortgang van het reeds lopende strafrechtelijk onderzoek. Volgens haar is er “lang gewacht en versnipperd gewerkt” en gebeurt er “gewoon meer dan onvoldoende om de effecten van de luchtverontreiniging, veroorzaakt door Tata, vaak in strijd met de regels, aan te pakken.”

Als we de balans van dit alles opmaken, zien we een conflict tussen Tata Steel enerzijds en omwonenden en belangenorganisaties anderzijds vanwege vermoede overtredingen en schadelijke gezondheidseffecten van de uitstoot door het bedrijf, moeilijkheden bij het ingrijpen op politiek en bestuurlijk niveau, en burgers die het heft dan maar in eigen hand nemen en een beroep doen op de rechter. Interessant is dat deze gebeurtenissen lijken te passen binnen een bredere ontwikkeling waarbij burgers of belangenorganisaties maatschappelijke problemen voor de rechter brengen of proberen te brengen wanneer zij menen dat andere instanties achterblijven. Nederlandse voorbeelden op het gebied van klimaatverandering en milieuvervuiling buiten het strafrecht zijn de Urgenda- en Shell-zaken en de stikstofuitspraken van de Raad van State. Ook met betrekking tot andere thema’s zien we een dergelijke ontwikkeling – denk bijvoorbeeld aan de zaak tegen de tabaksindustrie (ook geïnitieerd door Ficq) en zaken waarin coronamaatregelen worden aangevochten, zoals ook recent weer in het nieuws.

Net als deze andere zaken roepen de recente ontwikkelingen in de Tata Steel-casus de vraag op welke processen precies maken dat burgers dit soort politiek gevoelige zaken met onderliggende maatschappelijke problemen aan de rechter proberen voor te leggen. De constatering dat dit tegenwoordig steeds vaker lijkt voor te komen, en de normatieve vragen die daarbij in sommige gevallen kunnen rijzen over de rol van de rechter, maken het des te relevanter deze processen goed te begrijpen. Dit is dan ook een van de thema’s die binnen de onderzoeksgroep Conflictoplossende Instituties vanuit verschillende gezichtspunten worden onderzocht. Mogelijk biedt het internationale congres over Courts as an Arena for Societal Change, dat plaatsvindt op 8 en 9 juli 2022 in Leiden, al enkele antwoorden.


Noot

[1] Essens, O.D. (2021). Naar een effectieve handhaving op maat in het omgevingsrecht. Tijdschrift voor Omgevingsrecht, 2021/3, 95-106.

0 Comments